De avondvierdaagse

 

De avondvierdaagse werd uitgevonden door de Sticht. Gooise Wandelsport Bond (SGWB), in het voorjaar van 1940. In dit eerste bezettingsjaar leek het doorgaan van de Vierdaagse van Nijmegen uiterst twijfelachtig (later kwam er nog wel een "Noodvierdaagse'). De SGWB bekeek hoe de wandelaars toch iets geboden zou kunnen worden en met de woorden "Als we dan geen vier dagen kunnen wandelen, laten we het dan vier avonden doen', liet toenmalig SGWB-penningmeester D.C. v.d. Horst het verschijnsel avondvierdaagse ontstaan. Nog datzelfde jaar waren er de eerste avondvierdaagsen, namelijk in Utrecht, Amersfoort en Bussum, later in het jaar nog gevolgd door Amsterdam, Haarlem en Zaandam.

Het was het begin van een "epidemie', die zich in snel tempo over het land verspreidde, vooral na de oorlog. In 1941 was er al in 21 plaatsen een avondvierdaagse, in 1946 (toen na het wandelverbod eindelijk de derde editie kon volgen) in 48 plaatsen. In 1991 kenden alleen al de acht binnen de Nederlandse Wandelsport Bond verenigde regionale bonden in 207 plaatsen een avondvierdaagse, met in totaal meer dan 220.000 deelnemers.

(met dank aan de site van de Oostelijke Wandelbond)

 

terug